Het Zee-journaal

Hierna begon het Zee Journaal, dat verdeeld was in 5 trajecten, n.l. Zeilende in de Noordzee, Zeilende in Het Kanaal, Zeilende in de N.A.Oceaan, Zeilende in de Z.A.Oceaan en Zeilende in de Indische zee.

Over het algemeen was de vaart door het Engels Kanaal voor een zeilschip uit die tijd vrij lastig. Voortdurend moest er gelood worden om niet vast te lopen. Vaak nam men dan een loods aan boord. Kreeg men plotseling niet meer dan 60 vadem, dan werden enkele zeilen tegengebrast, om de vaart uit het schip te halen. Was men ter hoogte van de Golf van Biskaje, dan werd het weer vaak slechter en kreeg men met hevige stormen te maken, die het schip mijlen uit zijn koers konden slaan. Het werk van de equipage was dan erg zwaar en gevaarlijk. Dagen lang kwam men dan niet uit de natte kleren en kon er geen warme maaltijd worden geserveerd. Door de steeds maar overkomende zeeën moest het werk verricht worden onder zeer moeilijke omstandigheden. Men waadde soms tot het middel in het ijskoude water, terwijl men steeds bedacht moest zijn om niet over boord geslagen te worden.

 Een driemastbark met zeilschip op de Noordzee in zware storm.

Schilderij van Martinus Schouwman (1770-1848).

Wanneer het schip in de buurt van de keerkringen was gekomen, werd de zee kalmer en het weer aangenamer. Er werd dan gebruik gemaakt van de Noord-Oost- of de Zuid-Oost-passaatwinden, die het gehele jaar naar de evenaar waaien. De rust aan boord keerde dan eindelijk terug. Maar na de Noord-Oost-passaat, op weg naar Indië, kwam het schip in een stilte-gordel terecht. De evenaar werd dan zo oostelijk mogelijk gepasseerd, waarbij rekening moest houden met de equatoriale stromingen, waardoor het schip dicht onder de Zuid-Amerikaanse kust dreigde te komen. Later passeerde men de eilanden St.Helena en Tristan de Cunha op zichtafstand, werd op 45° tot 48° Z.B. Kaap de Goede Hoop gerond, waarna men gebruik maakte van de daar heersende Westelijke winden. Hiermee kwam men echter ook weer in het voortdurend door zware stormen geplaagde gedeelte van de Indische Oceaan terecht.

Om een idee te krijgen welke route de "Henriëtta" in 1867 van Amsterdam naar Padang volgde, is het gehele traject op het overzichtkaartje van de pagina "Inleiding" in kleur getekend met de vermelde dagpostities (b.v. 25.5 = 25 mei).

Op de volgende pagina's van het zeejournaal, dat dus verdeeld werd in 5 afzonderlijke trajecten, staan alleen de opmerkelijke gebeurtenissen weergegeven van bepaalde dagen.