Zeilende in de Zuid Atlantische Oceaan

11 juni:

Het schip passeerde, na 37 etmalen en om 8 glazen van de Eerste-wacht, de evenaar. De opgave van de Noorder Breedte veranderde nu in Zuider Breedte. Om 11 uur werd de St. Paulus-rots waargenomen op ZW½Z. Men noteerde op die dag "Chr 2' te westelijke lengte". Blijkbaar had men door de peiling van de St.Paulus Rots (*het eilandje Staint Paul's Rock) de aanwijzing van de tijdmeter gecontroleerd en bevonden dat deze 2 minuten teveel westelijk lengte opleverde.

De top van de Sint Paulus Rots.

Als tijdmeter gebruikte men een chronometer om de lengte (W.L. of O.L.) te bepalen. De temperatuur bedroeg 70° F., het was mooi weer en de barometerstand bedroeg 30,00. Die dag werd een 3/m Schip achteruit en een 3/m Schip vooruit waargenomen.

De Chronometer.

  13 juni:

Men nam een Schoener en een Engelse Clipper Schoener om de ZW waar, terwijl een Pruisi-sche Schoener met hen mee voer.

14 juni:

Er werden 3 verschillende lucht stromingen waargenomen, n.l. O, ZO en ZZW. Verder haalde men de Groot-stengestag naar beneden, die kennelijk gebroken was, om hem te repareren. Men voer met 5 schepen in de nabijheid, waarvan er 1 tegenliggend was.

15 juni:

De Schoener Boudrein, die van Jersey op weg was naar Rio de Janeiro onder kapitein W.Blanpied, werd tijdens de Voormiddagwacht gepaaid. Vooruit nam men een medeliggend Schip waar.

16 juni:

Op 25° 30' ontdekte men een Schoener "over Cadine" en ze passeerden een Spaans Schip. Het schip stampte zwaar en er kwam zeer veel water over de boeg.

... er kwam zeer veel water over de boeg ...

17 juni:

1 Schip om de ZZW en 2 Schepen om de ZWtW werden waargenomen.

18 juni:

Men noteerde: "Frisse koelte,, hooge moeylijke zee, zwaar stampend".

19 juni:

Men noteerde: "Rukwinden met felle regen, zwaarstampend en veel water over".

21 juni:

Het weer werd weer mooi en er stond een lichte koelte.

22 juni:

Het duurde echter niet lang of het weer sloeg om. Het schip begon ontzettend zwaar te stampen en er stond een hoge zee. De volgende dag kreeg men bovendien ook nog veel water over. De storm nam daarna af. Temperatuur: 76° F. Barometer: 30,35.

*Alhoewel het journaal het niet vermeld, passeerde het schip omstreeks deze tijd het eiland Trinidad, waar altijd bijzonder veel walvissen zwommen. Zie opmerkingen van 29 juni.  

Het eiland Trinidad met walvissen.

26 juni:

Het schip passeerde de Steenbokskeerkring op 23½° Z.B.

29 juni:

Er werden tijdens de Hondenwacht veel walvisen waargenomen.

1 juli:

Alhoewel de wind "zeer flaauw" was, slingerde het schip zwaar en er kwam water op het dek.

6 juli:

Men kreeg te maken met een zeer hoge en wilde zee, waarbij wederom veel water op het dek kwam. De Wind wakkerde aan en het weerlichtte in het ONO en WZW. Het schip werkte de volgende dag zwaar, waarbij men ook nog last kreeg van zeewier. Dit duurde tot 11 juli, waarna het weer enigszins verbeterde. Een dag later begon het echter weer erg te stormen.

Tristan da Gunda.

*Omstreeks deze tijd passeerde het schip, volgens de opgegeven coördinaten, de eilanden-groep van Tristan da Gunha. Het werd echter niet vermeld in het journaal, waarschijnlijk omdat het zicht erg slecht was.

13 juli:

Men noteerde in het journaal: "digte gereefde koelte met hevige storm vlagen, hoog lopende zee, zwaar overhalend schip, nog aannemend van wind, dreigende lucht met slag regen, ontzettend zwaar werken, storm met vliegende buyen en harde regen, verbolgen zee, kregen een heele zee achter over en later weer eene, welke de stuurkast en kippebanke stuk sloeg, stuurden lager, aanhoudende vliegende-storm en hoog lopende zee, ontzettend zwaar overhalend schip, het dito vol water". Temperatuur: 55° F. Barrometer: 29,91.

De bemanning aan het leegpompen van het schip.

14 juli: 

Gelukkig nam de storm af en men hield aan boord een rustdag, na al dat zware werken van de afgelopen dagen.